Column

Het zwemdiploma


Twee weken geleden moest mijn oudste zoon afzwemmen voor zijn A diploma. Ik was zo trots als een pauw, want hij heeft slechts een jaar les gehad. In de weken voor het diplomazwemmen was ik redelijk gespannen, of om in sporttermen te blijven: ik had last van gezonde wedstrijdspanning.

Mijn zoon begreep maar weinig van die ophef; hij zou gewoon naar zwemles gaan en thuis komen met z'n diploma. Eenmaal aangekomen bij het zwembad sloeg zijn stemming om. Het was een drukte van belang, het pand was tot aan de nok toe gevuld en de sfeer was gespannen. Tijdens het omkleden merkte ik dat hij het niet zo leuk vond, hij fluisterde in mijn oor dat hij naar huis wilde. Gelukkig kwam op dat moment de zwemjuf binnen om de kinderen op te halen. Met rode wangetjes liep hij hand in hand met alle andere kinderen, onder een luid applaus, het zwembad binnen. Mijn angst werd werkelijkheid, want de spanning sloeg tijdens het zwemmen om in paniek. Hij wilde uit het zwembad klimmen, want hij had (volgens eigen zeggen) water in z'n mond gekregen. Gelukkig kon ik hem kalmeren en motiveren om de laatste baantjes af te maken. Op dat moment kreeg ik een flashback en zag een stukje van mezelf terug. Ik kon vroeger namelijk ook niet met spannende situaties om gaan en had moeite met het presteren onder druk (lees; faalangst). Als ouder weet ik nu gelukkig wel wat er door hem heen gaat. Het enige wat ik kan doen is hem vertrouwen geven, motiveren, steunen en mijn onvoorwaardelijke liefde geven.

Het is mij opgevallen dat het zwemmen in Nederland zich enorm heeft ontwikkeld de afgelopen jaren. Alle lof gaat uit naar de KNZB die fantastische stappen heeft gezet in de doorontwikkeling van het zwemdiploma. Vroeger was het allemaal vrij basaal, maar tegenwoordig moeten de kinderen naast alle basisvaardigheden onder andere de borst- en rugcrawl aanleren en is het onderwaterzwemmen een belangrijk onderdeel geworden. Bij de KNZB zijn ze nog steeds niet tevreden en daarom zijn de regels wederom aangepast. Voor zwemdiploma A worden de vaardigheden aangeleerd die nodig zijn in een zwembad zonder attracties, bij B leer je vaardigheden aan die nodig zijn in een zwembad met attracties, zoals een (wildwater)glijbaan, een golfslagbassin en/of een stroomversnelling. Tot slot leer je bij het C diploma om op een veilige manier plezier te hebben en om jezelf te kunnen redden in open water (behalve in de zee).

Helaas gaat voor niets de zon op, als je wilt leren zwemmen dan kost dit geld. Het fijne van Zwolle is dat er aandacht is voor de minderbedeelden onder ons. Ouders die het niet zo breed hebben kunnen een beroep doen op de zwemvangnetregeling (6 t/m 12 jaar) en binnenkort gaat deze regeling zelfs in voor kinderen tussen de 12 en 17 jaar.

In een waterrijk land als het onze is het van belang dat iedereen zich weet te redden wanneer hij of zij te water raakt. Het mag en kan niet zo zijn dat een kind verdrinkt, omdat de ouders geen geld hadden om zwemlessen te volgen. Wat is Zwolle toch een fijne (sport)stad!

Roger Knoops (manager SportService Zwolle)

Meer berichten