Handige hersenen?


<p>Zwolle Hilda van der Tuin over brugklassers. © 2015 Foto Frans Paalman Zwolle</p>

Zwolle Hilda van der Tuin over brugklassers. © 2015 Foto Frans Paalman Zwolle

(Foto: FotoPersBuro Frans Paalman)
Columns

Handige hersenen?

Ooit kreeg ik van een arts een stel hersenen. Nep hersenen natuurlijk, maar een goed duplicaat. Ze schijnen op ware grootte te zijn. En ook qua gewicht komen ze overeen met jouw en mijn exemplaar. Deze nephersenen tover ik regelmatig tevoorschijn om iets uit te leggen aan een kind.

Als er sprake is van een leerachterstand of faalangst, laat ik zien hoe de hersenen informatie verwerken. Ik leg daarbij uit dat verschillende delen van de hersenen met elkaar moeten ‘praten’ om samen te werken. Als je leert fietsen heb je bijvoorbeeld je armen, benen, ogen en evenwichtsorgaan nodig. Om de fiets goed te kunnen besturen moeten al deze onderdelen van de hersenen met elkaar overleggen. Dat doen ze door ‘paadjes’ naar elkaar toe te maken. In het begin is dit nog een dun paadje en verdwaal je nog wel eens. Als je vaker oefent wordt het paadje steeds steviger tot er uiteindelijk een snelweg ontstaat.

Tegen die tijd hoef je niet eens meer na te denken over iets wat je eerst heel moeilijk vond. Dan stap je bijvoorbeeld zonder aarzelen op de fiets en vertrek je. Dit helpt een kind te laten inzien dat je lesstof moet herhalen en vaardigheden moet oefenen. Als je een fout maakt ga je even een verkeerd paadje in. Dat is niet erg, want misschien heb je dat paadje juist wél weer nodig bij een andere opdracht. Door fouten te maken, maak je dus eigenlijk je hersenen elastischer en steviger.

Hersenen zijn natuurlijk fantastische instrumenten. Ze zorgen voor onze aansturing. Ze laten ons onder andere bewegen, ze verwerken informatie én ze geven ruimte aan onze gedachten. Dit alles gaat in een razendsnel tempo. Maar ze houden ons ook wel eens voor de gek. Via optische illusies laat ik zien en ervaren dat ons brein ons ook wel eens in de maling neemt. Dan interpreteren onze hersenen bijvoorbeeld sneller dan onze ogen zien. Op internet vind je veel van deze voorbeelden.

Zo kun je een bruggetje maken naar onze gedachten. Die zijn ook niet altijd waarheidsgetrouw. Zo hebben wij de neiging meer te blijven hangen bij negatieve gedachten dan bij positieve gedachten. Ook onze angstsignalen zijn niet altijd in overeenstemming met de realiteit. Vanuit een overlevingsinstinct zijn onze hersenen (vooral het reptielenbrein) scherp afgesteld op eventueel gevaar. Maar je kunt jezelf trainen hier niet automatisch in mee te gaan. De eerste vraag die je je zelf kan stellen bij angst of somberheid is ‘is het waar?’. “Ben ik een slechte vriendin?” Het is helpend om dan tegenovergestelde ervaringen te benoemen (groene gedachten). “Nee, ik heb naar mijn vriendin geluisterd toen ze verdrietig was en haar getroost.”

Wat je je kind ook kan leren is dat angst of een nare gedachte vanzelf over gaat. Het zijn golfbewegingen (net als bij de zee). De scherpte van zo’n gedachte is na 90 seconden weg. En na een hoge golf komt er altijd weer rustig water. In die rust kan je ontspannen en relativeren. Zo krijgt je kind de boodschap om de baas te blijven over zijn gedachten.

Hilda van der Tuin is kinder- en jongerencoach.

Wil je meer informatie of persoonlijke begeleiding voor je kind? Kijk dan op www.jijzwolle.nl

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden